Van EMAP - de makers van onder meer Q, Kerrang, Mojo en Smash Hits (en voorheen Select...) - ligt op het moment het eerste nummer van het nieuwe muziektijdschrift Kingsize in de winkel. Fred Durst kijkt boos op de cover en binnen wordt het niet veel beter met interviews met onder meer Papa Roach, Sunna, XZibit en 28 Days. En met verder artikelen over Matt Zane (doet iets in de porno-industrie), actrice Rebecca Romijn-Stamos (met een paar grote foto's van haar in bikini) en, hmmm, bands met eigen vliegtuigen (geïllustreerd met foto's van eigentijdse artiesten als Aerosmith, Led Zeppelin en Mötley Crüe) wordt al snel duidelijk dat het blad zich richt op puisterige 16-jarige jongetjes. Een doelgroep waar ik zelf al een tijdje niet meer toe behoor. Gelukkig maar, scheelt me toch weer zo'n 3 pond in de maand. Het blad heeft (nog) geen website.
Omdat ik toch bij de WH Smith stond ook meteen maar de Hip Hip Connection meegenomen, want met gratis mix-cd'tje van het Wordplay label, met tracks van onder meer Mark B & Blade, de Saian Supa Crew en Slum Village. Binnenin overigens ook nog deze opvallende quote in het interview met DJ Dexter van de Avalanches:
Q: Coming from Melbourne, have you noticed a lot of recent references to turntablism in Neighbours?
A: I can explain that! A friend of mine is a scriptwriter for Neighbours. She puts subliminal references to scratching and hip-hop culture in the script! They even spelled my name backwards on it once...
Chez Lubacov roept z'n lezers op hun
Soundtrack Van Je Leven in te sturen en ik heb zelf dus ook de afgelopen dagen druk lopen denken welke 15 nummers míjn 25 jaar op deze planeet het best samenvatten. Het is natuurlijk verleidelijk om vals te spelen en tracks te kiezen die je véél cooler voordoen dan je eigenlijk bent, maar ik zal me proberen in te houden...
Thursday, April 12, 2001 (Exeter)
Kwam gisteren aan het begin van de avond weer thuis - dat stukje tussen Schiphol en Heathrow is zo goed als niets, maar van daaruit naar Exeter betekent potdorie 3 uur in de bus zitten - en viel meteen met m'n neus in de boter want een van m'n huisgenoten had O Brother, Where Art Thou? bij de videotheek gehuurd. Deze Coen Brothers film met George Clooney in de hoofdrol is een hoogst opmerkelijke interpretatie van het verhaal van Odysseus en niet alleen omdat het is overgezet naar de staat Mississippi in de jaren '30 en voorzien is van de daarbij behorende hoeveelheid hillbilly-kuntrie. Het is af en toe bijna een slapstick - met Clooney die met grote ogen en groot bovengebit onverstoorbaar op zoek is naar haarnetjes en het juiste merk haarvet - maar vol intelligente verwijzingen (naar bepaalde elementen uit de Odyssee natuurlijk, maar blueslegende Robert Johnson komt er ook in voor) en een vermakelijke soundtrack.
Nu dat elke zichzelf respecterende band een eigen website heeft is de nieuwste trend op muziekgebied op internet de Website Voor Je Nieuwe Album. Unwound komt binnenkort met Leaves Turn Inside You én met leavesturninsideyou.com terwijl Kleenex Girl Wonder in het kader van hun nieuwe (dubbel-)album, Smith, met smithalbum.com op de proppen komt.
Meer muzieknieuws... over een week of wat verschijnt, op het met name in roots- en americana-kringen hogelijk gerespecteerde Munich Records, Steering By The Stars, het nieuwe album van het Nederlandse lo-fi combo Gitbox. Nieuwe single The Low Road kun je downloaden bij Vitaminic... Boyracer is weer bij elkaar. Na een aantal jaren zich te hebben gericht op projecten als Steward en Empress en het runnen van het 555 label, heeft Stewart Anderson een zo goed als nieuwe line-up om zich heen verzameld en toert binnenkort door de Verenigde Staten. Ook zal er binnen afzienbare tijd een Best Of-verzamelaar verschijnen van dit, bij bepaalde mensen, legendarische Britse indiebandje. Om uit te vinden hoe ze klonken surf je naar Epitonic... Idlewild probeert momenteel Amerika te veroveren - hun album 100 Windows is er zojuist verschenen - en Roddy Woomble houdt een soort van toerdagboek bij. (via Catherine)
Wednesday, April 11, 2001 (Exeter)
Hier had eigenlijk een verslag moeten staan van het concert van The Fall in de Melkweg. Dagen geleden al zelfs. Het concert was per slot van rekening zaterdag. Maar ik heb er gewoon geen tijd voor gehad. Ik had maar een paar dagen voordat ik terug naar Engeland zou gaan en er moest een hoop geregeld worden. Al die kranten - Volkskrant én NRC - die waren verschenen terwijl ik in New York zat, lezen zich niet vanzelf bijvoorbeeld. En een eigen recensie hoeft in principe ook niet want op de Fallnews-site staan een aantal uitgebreide verslagen van échte kenners. Je kunt het concert in de Melkweg bovendien vergelijken met het concert van de dag ervoor in Haarlem. Ik heb ze alleen ooit een paar jaar geleden in de Paradiso gezien en het was deze keer inderdaad een stuk strakker. Mark E. Smith schijnt recentelijk weer eens iedereen uit z'n band te hebben getrapt en de huidige musici speelden eerst als bandje in 'n voorprogramma en ze zien er uit alsof ze nog bang zijn voor Mark E en muzikaal extra hun best doen. Vorige keer liep Smith de hele tijd te kloten met de gitaarversterkers en dergelijke zodat het tegen het eind voor geen meter meer klonk, maar dat viel deze keer erg mee. Op een gegeven moment legde hij alleen een van de microfoons in de bassdrum. Grote gedeeltes van Touch Sensitive zong hij zelfs helemaal zonder microfoon maar daar bleef het wel zo'n beetje bij. Persoonlijke hoogtepunten: F-Oldin Money, Two Librans (Che-che-che-chenya) en Dr. Buck's Letter (ik bedoel in ieder geval die ene die gaat van I know, I know, hey, hey, hey, hey). Errug jammer dat ze in Amsterdam Das Katerar niet speelden. Dat is wat mij betreft het beste nummer dat ik tot nu toe van hun meest recente album heb gehoord. Voor de liefhebbers hier nog een interview met de Mighty MES.
Ik neem aan dat jullie zelf allemaal wel de MP3-versie van het nieuwe Radiohead-album al hebben gevonden? Goedzo.
Saturday, April 7, 2001 (Uitgeest)
Gisteravond in de taxi naar JFK Airport - op weg terug naar Nederland - kwamen we langs een stukje snelweg dat, in het kader van Rent-a-highway werd schoon gehouden door niemand minder dan Robin Williams. Overigens was het stuk snelweg niet opzienbarend schoner dan een willekeurig ander stuk. Dat viel me dan wel weer tegen.
Friday, April 8, 2001 (New York)
Met terugwerkende kracht toegevoegd op 9 april
Gisteravond (donderdag) kwam ik in een (uitverkochte) Bowery Ballroom tot de conclusie dat Arab Strap het beste in levende lijve te ondergaan is. Ik moet bekennen dat ik zowiezo maar een van hun albums heb - Philophobia - en dan draai ik'em verder ook nauwelijks. Niet dat het vervelende muziek is, maar ik dóe altijd wat als ik muziek op heb staan; zit meestal te lezen of achter m'n computer of iets dergelijks. Arab Strap maakt muziek met een sterk literair karakter. Daar moet je echt voor gaan zitten en naar luisteren en daar heb ik blijkbaar het geduld en de tijd niet voor. Behalve als je eigenlijk niets anders kúnt doen dan naar de band kijken en luisteren. Tijdens een concert bijvoorbeeld. Dus. Dan werkt de combinatie van de muziek - meestal ingetogen en spaarzaam, maar hier en daar ook met beats uit een doosje - en de donkere, verhalende teksten het beste. De band werd helaas geplaagd door allerhande technische mankementen. Zanger Aidan Moffat verontschuldigde zich tientallen keren - maar vond het aan de andere kant ook wel weer erg des Arab Straps: you've got everything you've want, and then it completely fucks up - en legde uit dat het pas het tweede optreden van hun huidige toer was en dat het over een week of twee reuze-soepel zou verlopen. Er waren dus wat extra lange breaks tussen de nummers, maar die werden onder meer opgevuld door de premiere van een aanzet tot een nieuw Arab Strap-nummer - werktitel: I Would Fuck Bruce Willis -, een korte cover van Bon Jovi's You Give Love A Bad Name en veel gestamel in het plat Schots dat er bij de New Yorkers natuurlijk in ging als de spreekwoordelijke zoete koek. Het eerste voorprogramma was John Wolfington. Een lokale singer/songwriter wiens belangrijkste wapenfeit vooralsnog is dat-ie Steve Shelley van Sonic Youth achter het drumstel heeft zitten (z'n actuele plaat is dan ook verschenen op diens Smells Like Records label). Tweede voorprogramma Interpol klonk alsof ze sinds de hoogtijdagen van de New Wave (en dan met name Joy Division) geen nieuwe muziek meer hadden gehoord. Desalniettemin hadden ze een paar aardige nummers. Die twee tracks waarop synthesizer werd gespeeld behoorden daar eerlijk gezegd niet toe, want die hadden vreemd genoeg iets weg van Rammstein. Voor een Europese toeschouwer met een kleine dosis historisch besef was de outfit van de bassist - haar strak in de scheiding, zwarte broek, felrode bloes, zwarte band om de bovenarm; slechts het hakenkruis ontbrak nog - overigens nogal opmerkelijk.
Als onderdeel van de verplichte toeristische nummertjes hebben we een paar dagen geleden natuurlijk ook Wall Street bekeken. We zijn niet naar binnen geweest bij de New York Stock Exchange voor de rondleiding, maar vóór de ingang konden we in ieder geval een flink aantal handelaren in hun felgekleurde jasjes een sigaretje zien staan roken terwijl aan de achterkant de bezorgers van allerhande restaurants en deli's in de buurt de lunchpakketjes stonden af te leveren. Deze pakketjes moesten overigens wel eerst door de x-ray machine - waarschijnlijk uit angst voor bommen ofzo - in een speciaal daarvoor geplaatste vrachtwagen. Een paar straten verderop kwamen we trouwens Kamagurka tegen en even later ook nog Hans Kazan. Beide met een cameraploeg in het kielzog en blijkbaar bezig met nieuwe tv-programma's. U bent gewaarschuwd.
Monday, April 2, 2001 (New York)
Met terugwerkende kracht toegevoegd op 5 april
Tussen de bedrijven - MoMa, Chinatown, Brooklyn Bridge en dergelijke - door, toch ook al een boel platenzaakjes van binnen gezien. De interessantste zaken - Kim's (in diverse verschijningsvormen), Other Music, Rebel Rebel - lijken vooral te zitten vooral op Bleecker Street en St Marks (=8th Street). Rebel Rebel is de britpop zaak van New York en heeft vooral veel imports uit Engeland voor aangepaste prijzen (25 dollar, waar normale cd's 13 a 14 dollar kosten) en ook de Britse bladen. Niet alleen de NME en Face en dergelijk maar ook de Big Issue, de daklozenkrant...
Gisteravond naar Brownie's geweest, een punkhol aan Avenue A waar volgens de voorschriften van de brandweer aan de muur 187 mensen naar binnen mochten en dat werd in de loop van de avond wel gehaald, schat ik zo. De band American Heritage trapte het gebeuren af met een overrompelende dosis instrumentale hardcore met invloeden uit de jazz (de ingewikkeldheid van de riffs) en metal (het geluid van de gitarist). Was vooral heel erg knap, want het zat allemaal niet bepaald logisch in elkaar en de drie bandleden moeten dan toch precies onthouden welke complexe riff waar komt en wanneer en dat lukte ze deze avond geheel zonder fouten. Soort van het muzikale equivalent van het op kunnen lepelen van het getal Pi tot 140 cijfers achter de komma. Maar dan leuker natuurlijk. De Panthers waren iets meer poppy, alhoewel zo'n term in dit verband erg relatief is. Ze hadden in ieder geval iets meer songstructuur. Een beetje als At The Drive-In op hun meest extreemst en zeker niet verkeerd. Enige probleem was dat de zanger totaal z'n stem kwijt was en niet te horen was. Ze werden gepresenteerd als 'featuring members of Orchid en Turing Machine', wat mij betreft zijn dat twee namen die we binnenkort eens verder zullen uit checken. Tot slot zagen we ook nog Convocation Of.... Meer van hetzelfde. Meer pokkeherrie. Alhoewel deze band qua gitaarwerk misschien iets verfijnder (weer relatief!) was.
Saturday, March 31, 2001 (New York)
Met terugwerkende kracht toegevoegd op 4 april, vanaf Times Square...
We kwamen gistermiddag aan in New York op Newark in New Jersey. Heb een kijkje op het vrijheidsbeeld uit het vliegtuig dus moeten missen, maar de omgeving van het vliegveld zag er wel precies zo uit als in de Sopranos met al die kranen en troosteloze vlaktes vol vierbaanssnelwegen en grijze fabrieksloodsen. Ik kan nu ook begrijpen waarom de makers van de Sopranos er op stonden dat de serie ter plekke - dus in New Jersey en niet zoals normaal ergens in Los Angeles - zou worden opgenomen vanwege het specifieke licht. Met die grijze lucht en dat beetje mist zag het inderdaad uniek deprimerend uit.
S'avonds meteen naar de Irving Plaza voor een concert van Stephen Malkmus en de ex-Pavement zanger liet zich van z'n vrouwelijke kant zien. Dat wil zeggen dat in z'n nieuwe band 2 vrouwen zitten. Een koele cq coole bassiste en een overkittig, overaktief ding wiens taak uit niet meer leek te bestaan dan vrolijk op en neer te springen en een beetje met een tamboerijn of een sambabal te zwaaien. Het kan er bij mij niet inkomen dat ze was aangenomen op haar kwaliteiten als achtergrondzangeres. Verder niet veel verrassingen. Hij deed z'n album, een paar nieuwe nummers en een paar covers. En totaal geen Pavement-nummers. Iets dat aan de ene kant misschien te begrijpen is, maar hopelijk vergeet Malkmus niet dat die band wel de reden is dat er vandavond een paar duizend man in de Irving Plaza - plus minus 2x zo groot als Paradiso, modern en strak, zwart interieur met klassieke plafonds en een kant van het balkon is ingeruimd voor de vips van Matador - staan en dat mensen z'n nieuwe plaatje hebben gekocht. Maar het was al met al reuze onderhoudend. Zo in z'n eentje is Malkmus eigenlijk een soort van slacker-versie van Lou Reed. Het voorprogramma, de Kingsbury Manx, was een beetje een geval van een verkeerd bandje op het verkeerde moment. We stonden al een beetje te gapen vanwege onze jetlag en dan helpt een portie dromerig voor zich uitkijkende psychedelipop - soort van mix tussen Byrds, Grandaddy, Pink Floyd en Beta Band - niet bepaald. Niet persoonlijk opvatten hoor, maar het was nogal slaapverwekkend.
Zomaar een quote uit de discussie van de jongens voor me in de rij voor de garderobe na afloop:
You know, it was like totally awesome. I mean, I was like, totally, you know, (staat een paar seconden met z'n mond open), dude, like, you know.
Thursday, March 29, 2001 (Uitgeest)
Als je bij Google zoekt op Popjournalistiek kom je niet alleen hier terecht maar beland je tevens bij het essay Verstand van Popmuziek? Over de scheidslijn tussen wetenschap en journalistiek van popprofessor Rene Boomkens (november 1999) en de reflectiePoprecensie: journalistiek embryo van Ron Van Der Sterren (februari 1997). Dat laatste stuk - dat overigens om onduidelijk redenen midden in een zin ophoudt - probeert aan te geven waar een goede cd-recensie aan zou moeten voldoen maar vergeet prompt de factor die wat mij betreft het allerbelangrijkst is: dat het leuk om te lezen moet zijn. Dat schijnt - vooral in Nederland - wel vaker over het hoofd te worden gezien. Ik heb me vanochtend ook weer flink zitten ergeren aan de gortdroge, futloze recensies van Gijsbert Kamer in de Volkskrant.
De wekelijkse online popquize van Doornroosje breidt uit. Want nu bestaande uit 10 vragen en ook te spelen vanaf de sites van 013, Tivoli, Nighttown en Effenaar.
Tuesday, March 27, 2001 (Exeter)
Mijnkopthee klaagde dat ik te vaak te lange recensies over te vage bandjes schreef. Mijnkopthee: look away now! Want ik heb gister weer drie vage bandjes gezien en daar ga ik nu een lange recensie over schrijven. Een jaar geleden stond Terris op de voorkant van de NME als de Next Big Thing en het plan was dat in afzienbare tijd de wereld aan hun zou voeten liggen. Objectief gezien zou je kunnen zeggen dat er iets mis is gegaan als de band 12 maanden later nog steeds in zaaltjes als de Cavern in uithoeken als Exeter speelt. Maar de kids van Exeter denken daar klaarblijkelijk anders over en als je een paar honderd man zich in het zweet ziet springen luidkeels het refrein van aktuele single Fabricated Lunacy - van hun zojuist verschenen debuutalbum Learning To Let Go - meezingend kan je het zelfs als objectieve buitenstaander eigenlijk niet anders dan het met ze eens zijn. Vergeet het afgelopen jaar: Terris is vandaag de dag een meeslepende, in yer face rockband met het hypnotiserende van Joy Division en de swing van de Stone Roses. Zonder basgitaar, maar met bassynthesizer en dat heeft wel iets. Het resultaat is melodieus en je kunt er bovendien leuke effecten op los laten. Maar stralend middelpunt van de avond is zonder twijfel zanger Gavin Goodwin. Hij kronkelt over het podium als een Jim Morrison die tegelijkertijd karateles krijgt en een bezwerende regendans probeert uit te voeren. Twee voorprogramma's. Tobermory is de lokale variant op bands als Muse. De combinatie tussen de akoestische gitaar van de zanger en de galmende uithalen van de andere (elektrische) gitarist werkt voorbeeldig, maar over het geheel genomen is het toch wat degelijk. Het mist net dat beetje extra. Maar voor een lokaal bandje voorwaar niet gek. Tommy & The Chauffeur zijn vijf jongens (maar zonder een Tommy) die, zoals zovelen tegenwoordig, óók wel eens plaatje van Jeff Buckley en de Verve hebben gehoord, maar tevens de tegenwoordigheid van geest hebben om een scratcher het podium op te slepen. Kijk, daar hebben we wat aan. Hier gebeurt wat. Of we wel zitten te wachten op wát er vervolgens gebeurt is nog maar de vraag, want het resultaat is vooralsnog het beste te omschrijven als het muzikale equivalent van appeltaart met mosterd: allebei erg lekker, maar in combinatie misschien niet zo'n succes. Wat jeugdige onervarenheid en het feit dat de scratcher niet bepaald een Invisibl Skratch Pikl of een Scratch Pervert is, maakt het nogal een rommeltje. Maar in ieder geval klinkt het anders dan andere bandjes en wie weet, misschien eten we over een jaar wel allemaal appeltaart met mosterd.
Link Van De Dag: het Amerikaanse indiepopcombo de Aisler's Set is momenteel on tour door Europa en houdt een weblog cq dagboek bij.
MP3 Van De Dag: I Love You To Pieces van Zea (technisch gesproken is het Arnold De Boer samen met Capt. Boothnavy Swallow van de Bostonse band Lifestyle). Op de site van Archenemy Records.