Nieuwe Singles Update: Toen ik vanochtend in het kader van de deze week vers verschenen singeltjes de platenzaak binnenstapte leek het wel alsof ik via een soort van timewarp plots ergens middenin de jaren '80 terecht was gekomen: nieuwe releases van zowel Depeche Mode als Human League (en wegens succes geprolongeerd natuurlijk ook weer een boel exemplaren van Eternal Flame, de Britse nummer één van deze week in de uitvoering van Atomic Kitten). Verder was het een magere week: zelfs Jennifer & The Ess-Dog van Stephen Malkmus (weliswaar het hoogtepunt van z'n solo-album) en een single van KaitO op Fierce Panda (beetje standaard luidruchtige gitaarrock van het Steve Lamacq-type, maar d'r lopen een handvol Caito's en Cato's en KaitO's rond op het moment dus het kan ook iets heel anders zijn) konden mij er niet toe overhalen de portemonnaie te trekken. Enige lichtpuntje was AFX' Two Remixes. Maar voordat ik al dan niet tot aankoop over zal gaan wil ik toch even wat achtergrond informatie over deze single opsnorren - zoals a) wie of wat wordt geremixed en b) is het écht Richard D James - want uit het hoesje zelf werd je niet veel wijzer (alleen een stikker met daarop AFX en Two Remixes).
De leukste single van het moment - maar hier op het platteland natuurlijk niet verkrijgbaar - is de 7" Rock van Soft Rock op het Soft Rock-label (Googleën voor meer info heeft natuurlijk weinig zin op deze manier...) waarin Chicago's If You Leave Me Now subtiel geherbewerkt wordt. Niks radicaals - er worden hele delen uit het origineel geplukt en slechts hier en daar is een drumcomputer toegevoegd - maar het klinkt zo verschrikkelijk aangenaam. Als er maar genoeg tijd overheen is gegaan kan álles weer hip en cool worden. Als het zo door gaat, kan ik er binnenkort zonder schaamte voor uitkomen dat ik ergens onderin m'n collectie de Best Of Supertramp op cassette heb liggen. Wel, misschien ook niet.
Al wel veel veelvuldig op de radio, maar nog (lang) niet in de winkel: Love Is The Key, de nieuwe van de Charlatans. Het lijkt er op dat de heren sinds hun vorige album al hun Bob Dylan platen hebben ingeruild voor de complete oeuvres van Prince en Marvin Gaye. Het resultaat klinkt gek genoeg vooral als een kruising tussen Lenny Kravitz en T-Rex en Tim Burgess' falset-stem in de coupletten is ook iets waar je aan moet wennen. Maar wat me nog het meest tegenstaat aan het nummer is hoe dun het klinkt. Alsof het opnamen zijn van een beginnend bandje dat voor het eerst in een echte studio heeft staan spelen. Drums als natte kranten en het geheel mist de ooomph dat een soul/funk-geinspireerd ding als dit nu juist zo nodig heeft. Je zit de hele tijd te wachten op een extra batterij gitaren of een lekkere dosis warme orgels of blazers die helemaal nergens komen.
In haar beauty column in de Guardian laat Zoë Ball haar man (ie Fatboy Slim) verschillende soorten badschuim uitproberen. (Dit artikel over een verzamelaar van obscure afrofunk-singeltjes uit de culturele bijlage van vrijdag heb ik overigens nog niet gelezen, maar ziet er wel heel veelbelovend uit).
Jimmy Possession recenseert weer 10 heel erg obscure plaatjes in Splendid (okay, 9 heel erg obscure en Snoop Dogg om precies te zijn).
Dat zie ik de zaterdagse magazines van Volkskrant of NRC nou niet zo snel doen, maar in de weekend bijlage van de Guardian deze week een lang artikel over de Donna's (en over sex in popmuziek in het algemeen). Vorige week maakten ze het overigens nóg bonter en hadden ze een uitgebreid interview met Half Man Half Biscuit.
MP3 Van De Dag:Don't Touch My Bikini van de Halo Benders. Indiepopklassieker die dankzij onderwerp - looking is free, but touching's gonna cost you something - én Calvin Johnson's sexy stemgeluid uitstekend tot z'n recht komt op warme dagen als dit.
Friday, July 27, 2001
Alhoewel Jockey Slut als blad maandelijks verschijnt wordt de website wekelijks ververst met een handvol nieuwe recensies. Op de site verder een aantal artikelen uit de papieren versie - interviews met Fischerspooner en de nieuwste rap-sensatie Cannibal Ox bijvoorbeeld - en een flash-radio waar je momenteel naar een handvol tracks van Zero 7 kunt luisteren.
Heb van het weekend in - zo goed als - één moeite door BS Johnson's Christie Malry's Own Double Entry uitgelezen. Wat een fantastisch boek! Interessant uitgangspunt - hoofdpersoon besluit, aan de hand van een heuze debet/credit-balans, al het onrecht dat hem wordt aangedaan te verhalen op de wereld om hem heen; eerst in het klein, maar het duurt niet lang voor er doden vallen - verteld op zakelijke toon maar in licht avant-gardistische (post-modern zelfs?) vorm. De eenvoudige schrijfstijl, waar niets onnodigs beschreven wordt en al het overbodige gewoon is weggelaten, herinnerde me nog het meest aan een boek als Karakter van Bordewijk, maar de vorm waarin een en ander gegoten was tegelijkertijd los en speels en eigenlijk erg postmodern. De hoofdpersoon gaat geregeld de discussie aan met de schrijver en, om een specifiek voorbeeld te geven, als z'n moeder in het begin van het boek overlijdt wordt uitgelegd dat dat is omdat haar taak erop zit: de hoofdpersoon is volwassen en ze zou in de rest van het boek toch niet terugkomen. Dit postmodernistische tintje schijnt tegelijkertijd de aanleiding voor veel van de kritiek op dit boek te zijn, aangezien schrijvers als Pynchon en Vonnegut een decennia hiervoor al gelijksoortige dingen deden (dit boek is van 1973), maar Pynchon's V ben ik ooit eens aan begonnen en niet verder dan pagina 10 gekomen en de boeken van Vonnegut die ik tot nu toe heb gelezen hebben me ook nooit zo kunnen boeien. Misschien helpt het ook dat Christie Malry's Own Double Entry verteld wordt in een heleboel korte hoofdstukjes met veel pagina's wit ertussen zodat het nog lichter aanvoelt dan de toch al niet reuze imposante 180 pagina's die het beslaat en ik er in een paar uur doorheen ben gevlogen. Ben nu eigenlijk nog meer nieuwsgierig naar de film.
Het album van de Gorillaz is een van de 12 genomineerden voor de Mercury Prize, maar de band schijnt voor de eer te willen bedanken. Naar dit artikel gelinkt vanwege de nieuwswaarde maar vooral omdat de journaliste een beetje moeite heeft waarheid en fictie uit elkaar te houden en Del Da Funky Homosapien een rapping ape noemt...
Voor de trainspotters: de playlist van de Super Furry Animals dj-set, maandagavond in de Breezeblock op BBC Radio1. In vergelijking met bijdragen van andere gitaargroepen het afgelopen jaar - als Arab Strap en Mogwai -, was dit een hele verbetering: vloeiende, goed lopende overgangen en één logisch geheel in plaats van een veredelde mix-tape. Muziekkeuze is ook toppie. Eigenzinnige mix van jaren '70 pop - Rita Lee, Dennis Wilson, Buffalo Springfield -, reggae, electronica en filmcitaten (er kwam zelfs nog een scene uit Neighbours voorbij...) verklaard voor een groot gedeelte waarom de Furries klinken zoals ze klinken.
The Making Of Dead Media: Darren Hayman over de nieuwe, binnenkort te verschijnen Hefner-plaat (die dus Dead Media gaat heten).
Tuesday, July 24, 2001
MP3 Van De Dag:Rocket #9 (een Sun Ra-cover, zo is mij verteld) van Yo La Tengo. Opgenomen op 15 November 1997 in de Pustervik's Bar in Göteborg, Zweden. Daar moet ik bij geweest zijn. Volgens de bijbehorende info is het hele concert toendertijd opgenomen voor de radio. Daar zou ik me in principe iets van moeten herinneren aangezien ik daar was in hoedanigheid van co-presentator van een programma op de lokale studentenradio. Hmmm. Om eerlijk te zijn staat me niets meer bij van eventuele opnames die we gemaakt hebben. Volgens mij hebben we ook helemaal niets uitgezonden. Ik kan me nog wel herinneren dat m'n collega-presentator de hele avond met z'n bandrecorder liep te slepen in een poging iemand van de band tot een interview over te halen. Ik geloof dat het hem nog gelukt is ook. Ik heb zelf alleen even handje geschud met Ira. Op deze zelfde pagina overigens ook nog MP3's van een boel nummers die de band vorig jaar speelde tijdens een fundraiser voor WFMU. Dit schijnt een jaarlijkse traditie te zijn waar Yo La Tengo live op de zender covers speelt die door de luisteraar - tegen betaling - worden aangevraagd. Vaak - aangezien de band natuurlijk ook niet de akkoorden, tekst en dergelijke van élk nummer uit de gehele muziekgeschiedenis kent - met, laten we zeggen, interessante resultaten.
Verder luister ik deze dagen vooral naar De La Soul. Ik zal wel moeten. Ik won de tweede prijs in een Tommy Boy prijsvraag bij Ammo City en vanochtend lag het complete oeuvre van deze voormalige(?) Daisy Age rappers bij de brievenbus op me te wachten. Vijf cd's. Oh, en een paar stickers natuurlijk en een Tommy Boy pendant. Dat is zo'n band die je om je nek kunt dragen waar je je sleutels aan kunt hangen. Dat soort dingen zijn veel te hip voor mij en ook deze fashion accesoire doet mij er vooral uitzien als een verschrikkelijke malloot. 3 Feet High And Rising is daarentegen een klassieker (alhoewel het stijf staat van de skits) en Art Official Intelligence: Mosaic Thump klinkt ook niet onaardig. Aan de rest ben ik nog niet toegekomen.
Best Bar(None): Blue Jam's gids voor hippe Londonse bars. (Blue Jam was een radioprogramma van Chris Morris, tevens de man achter programma's als The Day Today en Brasseye)
Monday, July 23, 2001
Nieuwe Singles Update: Het had maar even gescheeld of ik had vandaag helemaal geen nieuwe singeltjes kunnen kopen. Vlak achter de deur van de Virgin stond namelijk een immense, voor ieder redelijk denkend mens nauwelijks te nemen - psychologische - barriere: een heel rek vól expemplaren van Atomic Kitten's versie van Eternal Flame. Ik heb het ding nog niet gehoord, maar de gedachte alleen al maakte het me bijna onmogelijk de winkel binnen te stappen. Hun vorige hit, Whole Again, was een alleszins plezant niemendalletje op een 'verdiende derde plaats achter All Saints' Never Ever en Sugababes' Overload'-achtige manier en het zijn vast ook drie alleraardigste dames (enige probleem is dat ze er uitzien alsof ze rechtstreeks achter de kassa van de Tesco vandaan komen en absoluut níet als popsterren), maar Eternal Flame is simpelweg het meest weerzingwekkende monster dat de laatste 50 jaar onder het mom der popmuziek de wereld in is gestuurd. Ik stel me zo voor dat Chinese gevangenisbewaarders, als na 3 weken onder een druppelende kraan hun gevange nóg niet gebroken is, het origineel van de Bangles opzetten. Ik weet niet hoe het bij jou zit, maar ík zou binnen 15 seconden zelfs bereid zijn de moord of JFK te bekennen.
Maar goed, na met enige moeite deze hindernis overwonnen te hebben - blik op oneindig, verstand op nul en wat er ook gebeurt: vooral door blijven rennen en níet omkijken - belandde ik toch nog in het hoekje met de overige vers verschenen singeltjes. Het bleek een week met een hoop mogelijk interessante dingen, die het toch net niet halen. Een nieuwe single van Spearmint bijvoorbeeld. Dan vraag je je toch af: zit ik daar eigenlijk nog wel op te wachten? Birdie doet het in de regel niet onverdienstelijk op z'n St. Etienneerigs, maar om daar nou diep voor in de buidel te tasten. Blindside schijnt iets groovy's te zijn met veel hammond-orgel op Mogwai's Southpaw Recordings en Royksopp is verschrikkelijk hippe electronica uit Noorwegen. Overigens loop ik over deze laatste twee gevallen nog te twijfelen en waarschijnlijk ga ik later deze week nog wel overstag en koop ik ze toch... 4pond voor een Ed Case-remix en een radio-edit van een nummer dat ik al heb is zonder meer wat teveel van het goeie dus Bootylicious koop ik zeker níet.
Al met al was de score deze week: 2. Allereerst Street Gang, de debuutsingle van A.R.E. Weapons, de volgende in het rijtje Strokes en Moldy Peaches. Je zou haast denken dat Rough Trade eerder dit jaar op zomaar een straathoek in de Lower East Side tegen een 3 Halen, 2 Betalen deal is aangelopen. A.R.E. Weapons was waarschijnlijk die 3e dan, want duidelijk de minst commerciële. Meer art statement dan gezellige popsong. Koude, bijna industriële electro-beats met gitaren die binnen komen zeilen alsof de studio gebombardeerd wordt en afstandelijke vocalen. Het heeft op een of andere manier iets weg van bands als Regular Fries en Campag Velocet. Of een héél depressieve Sigue Sigue Sputnik. Ofzo. Single nummer twee is New Yorkse über-cool van een compleet ander slag: Emerge van Fischerspooner. Retro-electro-pop die klinkt als de ultieme kruising tussen Zombie Nation en Blue Monday. Hyper-mediocrity??? Ga weg!! Hyper-aanstekelijk!!! Alhoewel vijf zo goed als identieke remixen wellicht een beetje aan de overbodige kant lijkt.
Sunday, July 22, 2001
MP3 Van De Dag/1:I Want You To Want Me. Het Belgische Sharko kreunt zich - live in Nantes - een weg door de Cheap Trick klassieker. Lijkt qua stem zo op Jeff Buckley dat ik het er eigenlijk van verdenk een parodie te zijn.
MP3 Van De Dag/2+3: Nyja Lagif en Syndir Gufs, twee live-tracks van Sigur Ros.
MP3 Van De Dag/4:Heretic Song. Een voorproefje van het nieuwe album van ieders favoriete gemaskerde Xtreme Metal achttal uit Des Moines, Slipknot. Brul mee met hilarische, nu al legendarische tekstregels als if you're 555, then I am 666!!!
MP3 Van De Dag/5:The Almond Gorilla van Wolf Colonel. Dat dit soort ouderwets degelijke indie-gitaarrock nog gemaakt wordt! Denk: Replacements, Sugar, Lemonheads en vooral: Guided By Voices maar dan met een bijna Bruce Springsteen-achtige ambachtelijkheid. Alsof Sonic Youth nooit bestaan heeft.
Leesvoer Van De Dag: de eerste paar hoofdstukken uit het boek Crossroad Blues van Ace Atkins; een detective over een speurtocht naar vermeende, nog niet eerder ontdekte opnames van blueslegende Robert Johnson.
Saturday, July 21, 2001
Afgelopen zaterdag zond Channel4 een registratie uit van het optreden van Fatboy Slim recentelijk op het strand van Brighton (ik had gisteravond pas tijd om de video terug te kijken, vandaar nu dus). Dat het idee dat dj's saai om naar te kijken zijn nog steeds hevig in zwang is, kon je wel merken aan de hoeveelheid overcompensatie die het programma over de kijker heenstortte. Alsof alle visuele poespas - beelden van Fatboy Slim in hawaii-shirts, afwisselend aan knopjes draaiend en op z'n bekende manier met z'n handen in de lucht wapperend, misselijkmakend snel versneden met beelden van dansend publiek, de achter Slim vertoonde animaties en meer van zulks waar bovendien nog eens een hele grafische trukendoos op los was gelaten - nog niet genoeg was werd de muziek ook steeds onderbroken, door gespeelde, humoristisch bedoelde monologen van pseudo-Brightoners over hoe Slim vroeger was en korte stukjes alternatieve poppenkast (Punch & Judy = Jan Klaassen & Katrijn). Nee, we mochten ons vooral niet vervelen. Het was allemaal erg gefragmenteerd en dat werd niet bepaald geholpen door Fatboy Slim's set. Hij heeft de bigbeat dan misschien logischerwijs achter zich gelaten en draait nu meer banging house, maar erg populistisch is het in ieder geval nog steeds. Waar ik altijd de indruk krijg dat échte house-dj's de platen naadloos aan elkaar proberen te mixen zodat één lange trip wordt, heeft Fatboy Slim een doos novelty-chunes - vaak met ellenlange intro's waar je niet op kunt dansen - die hij omstebeurt op zet. Ook als je nog nooit op een house-party bent geweest herken je alle deuntjes: een track waarin Ce Ce Peniston's Finally werd gesampled, eentje met een stuk Bohemian Rhapsody, eentje waarin Salt'n'Pepa's Push It langs komt (dat blijkt dus onze vaderlandse trots Jark Prongo met Rocket Base te zijn), een stukje Born Slippy vermengd met z'n eigen Right Here Right Now, een mix van Daft Punk en Madonna's Music. Dat soort werk. Het viel me nog mee dat-ie Josh Wink's Higher State Of Consciousness niet bij zich had. Tegen de tijd dat het eerste reclame-blok zich aandiende zat je dus uitgeput op de bank naar adem te happen.
Alas, poor Kurt, he knew him: de Times recenseert Everett True's boek over de Grunge-years. Het boek verschijnt pas in Augustus, dus ik heb het zelf nog niet gelezen maar de twee belangrijkste punten van kritiek van de recensent - a) overdadig name dropping en b) te veel obscure bandjes - kan ik wel begrijpen. Ook True's dagboekaantekeningen bij Tangents barsten meestal uit hun voegen van de "zoals Kurt me ooit vertelde.."'s en de "en toen e-mailde ik Courtney"'s en dergelijke. Als je daar niet tegen kan, moet je er maar een beetje omheen lezen. Persoonlijk vind ik juist aandoenlijk. In de tweede plaats vind ik het juist verfrissend dat er vandaag de dag nog boeken kunnen verschijnen waarin mensen beweren dat Half Japanese beter waren dan de Beatles.